Hoge windmolens vangen veel…

7 oktober 2018

Afgelopen zaterdag ben ik uitnodiging van de gemeente Waalwijk op ‘windexcursie’ geweest. Aanleiding hiervan is de realisatie van een windpark aan de overkant van de Bergsche Maas ter hoogte van Drongelen en Genderen.  Men probeert hierbij natuurlijk de geesten te rijpen, voor te lichten en zoveel mogelijk mensen mee te nemen in deze ontwikkeling. Zo had ook de gehele raad van Aalburg een uitnodiging gekregen. Een goede gelegenheid om (kritische) vragen te stellen over dit project en om meer te weten te komen over de inzet van windmolens in het algemeen. Immers deze discussie speelt ook voor de nieuwe gemeente Altena. Helaas hadden vanuit de raad alleen Kees de Waal ( Progressief Altena ) en ik de moeite genomen om ons verder voor te laten lichten en om op te komen voor de belangen van de inwoners van onze kant van de Bergsche Maas.

Via Facebook hadden mij vooraf diverse vragen bereikt om te stellen. Uiteraard kom ik daar in deze blog op terug. De antwoorden staan verspreid over de tekst.

Wat is het plan? 

Er worden 7 nieuwe windmolens gebouwd. Voorwaarde voor de realisatie van deze windmolens is dat de huidige 5 windmolens (op termijn) gesloopt gaat worden. Over deze termijn was nog enige onduidelijkheid. De hoogte van nieuwe windmolens wordt 210 meter. Dit is bijna 2x zo hoog als de huidige windmolens die 110 meter hoog zijn. De locatie van de windmolens zijn niet allemaal direct aan de Bergsche Maas. Het is immers de bedoeling van de gemeente Waalwijk om daar een nieuwe grote containerhaven te bouwen.  Op onderstaande foto is te zien ( blauwe sterren en rode molens ) waar de nieuw molens komen te staan. Wat precies de de zicht is vanuit de Aalburgse zijde van de 5 molens die wat verder van de Maas staan kan ik niet goed beoordelen.

Twee molens worden geëxploiteerd door Eneco, de overige vijf zijn verdeeld over de gemeente Waalwijk en Brabant Water.  De opbrengsten van de molens van de gemeente Waalwijk stromen (in)direct terug naar de inwoners van Waalwijk. De inwoners in Altena hebben alleen de lasten niet de lusten.

De aanleiding

We staan in de wereld voor een energie-transitie uitdaging. De uitstoot van broeikasgassen zal substantieel omlaag moeten om de temperatuurstijging c.q. klimaatverandering te stoppen. De gemeente Waalwijk heeft met zichzelf afgesproken om in 2043 klimaatneutraal te zijn. Wat klimaatneutraal nu precies betekent is mij overigens onduidelijk.  Aan de realisatie van deze doelstelling te bereiken dragen de nieuwe windmolens voor 7 procent bij. De huidige doen dat voor nog minder, namelijk 1,48%.

Nog wat cijfers

In Waalwijk wordt 4,6 PJ  ( iets met veel nullen ) verstookt. In Altena is dat 5,5 PJ  ( bron: Omgevingsvisie Altena 2018 ).  De totale uitstoot van broeikassen is een wereldomvattend probleem. Volgens een rapport van de EU ( zie LINK ) is de bijdrage van Nederland hierin ongeveer 0,46%. Een relatief klein getal dus.

Eén windmolen van 210 meter hoogte levert ongeveer drie keer zoveel energie als één van 110 meter.  En voor één zo’n windmolen heb je 7 hectare zonnepanelen nodig.

Overlast

Overlast is een subjectief begrip. De één ervaart iets als zeer storend terwijl de ander zijn of haar schouders ophaalt. Ook is het zo dat je als er iets gerealiseerd wordt er altijd een groep mensen is die overlast ervaart. Je probeert dat zo klein mogelijk te houden maar reduceren tot nul gaat gewoon niet. Denk bijvoorbeeld maar aan Schiphol en vliegveld Eindhoven. Met betrekking tot windmolens zijn er drie bronnen van overlast:

  1. Horizonvervuiling. Het is niet fraai om een open landschap vol te zetten met windmolens. Rijd een keer door de Noordoostpolder en je begrijpt wat ik bedoel.
  2. Geluid. Windmolens geven een laagfrequent geluid. Sommige mensen hebben daar flink last van en worden werkelijk ziek. M.b.t. de windmolens in Waalwijk zijn deze met ‘s ochtend en ‘s avonds goed te horen aan de overkant. Geluid wordt door het water helaas goed gedragen. Tijdens de voorlichting heb ik gevraagd hoeveel geluid er wordt geproduceerd door de nieuwe molens. Hier werd helaas erg vaag over gedaan. Er zijn al wel cijfers bekend maar deze worden nu nog niet bekend gemaakt. Het zou wel vallen binnen de ‘normen’.
  3. Slagschaduws. Dat is misschien wel de meest irritante vorm van overlast. Tijdens de winterperiode wordt er nu in Drongelen door de laagstaande zon in de ochtenduren overlast ervaren. Voor de beeldvorming. De breedte van een wiek van een nieuwe windmolen is dicht bij de as ruim 3 meter. Dat veroorzaakt dus flinke slagschaduws. Het is mogelijk om op basis van vooraf ingestelde programmatuur de windmolens stil te zetten op moment dat er overlast zou zijn. Maar wanneer dit nu wel of niet gedaan wordt is nog erg onduidelijk.

Op internet is er echt van alles te vinden over windmolens. Eén site wil ik vanuit mijn rol als volksvertegenwoordiger zeker niet onbenoemd laten en dat de website van de belangvereniging voor omwonenden van windturbines.  ( LINK )

Klankbordgroep

Eén van de sprekers was dhr. Martijn Messing. Hij begeleidt, betaald door de gemeente Waalwijk, de klankbordgroep. In deze klankbordgroep zitten ook inwoners uit Drongelen en Genderen. Hij had een interessant praatje waarvan ik de volgende punten graag deel.

  1. Nederland heeft allerlei normen. Ook op het gebied van windmolens. Deze normen zijn ingesteld om windmolens mogelijk te maken. Als iets voldoet aan een norm , mag het is het mechanisme in Nederland.
  2. De geluidsnormen die er zijn betreffen gemiddelden. Dat betekent pieken dus niet de pieken van geluidsoverlast gelden als norm. Stel dat het geluid drie dagen 0 dB is een drie dagen 90dB dan is dit gemiddeld 45 dB en blijft het onder de norm van 47 dB.
  3. Negen procent van de inwoners mag geluidsoverlast ervaren van windmolens. Jammer als daar net bij hoort.
  4. Hij is alleen maar voor windmolens als een deel van de lusten direct bij de mensen komt die ook de lasten ervaren. Bijvoorbeeld geluidsisolatie van de woning.

Mijn conclusie

Windmolens kunnen zeker een bijdrage leveren aan de noodzakelijke energietransitie. Maar windmolens op land hebben teveel nadelen. Naast overlast is er ook nog het beperkte rendement van windmolens t.o.v. de totale opgave. Ik ben mede daarom niet blij met de komst van de nieuwe 2x zo grote windmolens in Waalwijk omdat het met name voor de inwoners van Drongelen overlast geeft. Als je dat vindt kun je ook niet pleiten voor windmolens in Altena waar er ook inwoners zullen zijn die deze last zullen ervaren. Dit leidt tot grote energieverslindende discussies waarbij de windmolens een splijtzwam in de samenleving kunnen worden.  Bovendien werkt zo’n discussie alleen maar vertragend bij de realisatie van een duurzaamheidsagenda in Altena.

Ook in Altena ligt een grote uitdaging. Deze is overigens in verhouding met de uitdaging in de wereld maar minuscuul klein. Dit betekent echter niet dat we onze verantwoordelijkheid op anderen en/of andere generaties mogen afschuiven. We moeten nu door-starten. Te beginnen met de focus op minder uitstoot door de verbruik van (fossiele) energie. Met isolatie van bestaande gebouwen, bouwen van nieuwe energie-neutrale woningen is op korte termijn al veel meer resultaat te halen. Of door het benutten van daken in relatie tot zonne-energie. Electrisch rijden is ook een kansrijk onderwerp wat ook door de regering meer prioriteit wordt gegeven. Windmolens zijn weliswaar al een volwassen technologie maar nieuwe technieken zoals aardwarmte of waterstofgas bieden in potentie veel meer mogelijkheden. We zullen in Altena een momentum moeten creëren waar inwoners en/of ondernemers zelf aan de slag gaan. De gemeente moet hier een stimulerende en faciliterende rol oppakken. Als lokaal raadslid draag ik hierbij, ook in Altena, graag mijn duurzame steentje bij.

Kees de Waal bij windmolen 150 mtr

 

Kerk en staat

23 september 2018

De afgelopen week heb ik niet echt met plezier gekeken en geluisterd naar de politieke ontwikkelingen in Den Haag.

Ten eerste waren daar de politieke beschouwingen. Privé en publiek werden met elkaar vermengd, mensen moesten maar oprotten en de oppositie heeft niet echt het idee gekregen dat er serieus naar hun inbreng is gekeken. Het politieke debat  ( lees: gekissebis ) van afgelopen week in Den Haag is weer eens een voorbeeld waarom de afstand tussen de politiek en de inwoners waarover zij gaat steeds groter wordt.

Ten tweede las ik de open brief van Klaas Dijkhoff waarin hij publiekelijk afstand doet van de kerk. Nu vind ik het altijd jammer én verdrietig als mensen de kerk verlaten en/of hun geloof de rug toekeren. Maar dat is mijn ogen een strikt persoonlijke keuze. Nu bekroop mij toch het gevoel dat de VVD-fractievoorzitter publiekelijk wilde scoren door zijn persoonlijke keuze om de kerk te verlaten “uit te venten”. Een slechte zaak. Het past ook niet bij het uitgangspunt om kerk en staat gescheiden te houden.

Toen deze week iemand mij vroeg of de raadsleden van Aalburg we net zo “vriendelijk” tegen elkaar zijn als in Den Haag moest ik aan beide voorvallen denken.  Hoe handelen we ten opzichte van elkaar in het politieke debat van de raad en hoe houden we kerk en staat gescheiden?

Tijdens de raadsvergaderingen zijn we gelukkig een stuk collegialer tegen elkaar. Maar we denken niet altijd even vriendelijk over elkaar en/of elkaars standpunten.  Gelukkig wordt het zelden persoonlijk in het publiekelijke debat. Mocht dat wel het geval zijn dan is het aan de voorzitter om in te grijpen.

In Aalburg is het de gewoonte om de raadsvergaderingen te beginnen én te eindigen met een ambtsgebed. Hierin wordt hulp gevraagd van God bij het nemen van de besluiten voor de gemeente en haar inwoners. Zelf ben ik belijdend lid van de PKN én gelovig maar toch vind ik best raar dat bij een gemeenteraadsvergadering wordt geopend en gesloten met deze gebeden. Voor de beeldvorming over het scheiden van kerk en staat is het niet juist. Daarnaast worden de raadsleden die niet of anders geloven voor een stukje buitengesloten door de opening als een Christelijk gebed

Elk raadslid wordt geacht om het beste te besluiten voor de gemeente én haar inwoners. Het is zeker goed om daar aan het begin van een raadsvergadering bij stil te staan. Maar dat kan ook een andere wijze. In de gemeente Woudrichem wordt gestart met het uitspreken van een votum.

De tekst is als volgt:

Verbonden aan onze toewijding voor de publieke zaak en ons diep respect van ons democratisch ideaal van vrijheid, gelijkheid en gemeenschap. Geworteld in de traditie van geloof, hoop en liefde zoeken we dat wat de belangen van onze gemeente en haar inwoners dient en staan wij stil bij de onze bron van inspiratie.

Daarna wordt er even stilte in acht genomen. Iedereen krijgt dan de ruimte om in een plechtige stilte even stil te staan wat hem of haar stuurt / brengt. Of in stilte wellicht een gebed uit te spreken.

Op deze wijze een raadsvergaderingen openen spreekt mij erg aan. Ruimte scheppen aan een ieder. Niets opdringen. Kerk en staat gescheiden houden.  Iedereen kan hier actief aan deelnemen en een er eigen invulling aan geven. Bijvoorbeeld óók door het in stilte uitspreken van een gebed.

Lezers kijken misschien vreemd op van deze blog. Ik ben immers vertegenwoordiger van het CDA Altena. Een partij waar toch een C in de naam en de genen zit.  Daarom kort mijn zienswijze daarop. Als lokale brede volkspartij bedrijven we een politiek waarbij we ons laten inspireren door Christelijke waarden. Deze waarden zijn toepasbaar voor iedere inwoner. Iedereen die deze waarden onderschrijft is welkom bij het CDA. Religieus, of niet religieus.
Ik hou er zelf helemaal niet van om mensen af te meten tegen een Christelijke meetlat. Sterker nog, ik word daar zelfs een beetje kriebelig van. Ik ken genoeg niet-kerkelijke inwoners die zich meer voor een ander inzetten en/of wegcijferen dan dat ik dat bijvoorbeeld zelf doe. En alle inwoners zijn voor mij gelijk. Je kunt echter  wel respect opbrengen voor de mening van een ander. Daarom blijf ik bijvoorbeeld wél een groot voorstander van de zondagsrust in Altena. En houd ik zeker niet van scheldpartijen in het politieke debat.

Ik neem als raadslid actief deel aan de werkgroep die voor de raad van Altena alles zo goed mogelijk probeert voor te bereiden. We hadden als werkgroep ons ook uit kunnen spreken over het ambtsgebed. Dit hebben we niet gedaan omdat we weten dat dit (politiek) gevoelig ligt.  Daarom moet de nieuwe raad in januari hier zelf een beslissing over nemen. Hoe hier ik hier persoonlijk over denk is bij deze duidelijk.

 

Wijze raad ligt op straat

16 september 2018

Samen met de andere teamleden van CDA Altena zijn we begin dit jaar in Altena gestart met de “Aan Tafel Met” gesprekken. Doelstelling van zo’n gesprek is heel simpel. We gaan in gesprek met inwoners van een dorp, straat of belangenvereniging. De groepsgrootte is maximaal 10 personen. Hierbij komen we vooral luisteren, luisteren, luisteren en nog eens luisteren. Indien van toepassing reageren we ook op (actuele) vragen en/of zorgen die spelen.

Inmiddels hebben er tientallen van dergelijke gesprekken plaatsgevonden. Daarin hebben we honderden mensen gesproken die een schat aan informatie hebben opgeleverd. Bij zo’n gesprek valt het me regelmatig op dat mensen oprecht verrast en verbaasd zijn dat er de moeite wordt genomen om te luisteren. Eigenlijk best vreemd want één van de kerntaken van een raadslid is juist contact onderhouden met de inwoners die het vertegenwoordigd..

Het komt regelmatig voor dat mensen die aanschuiven nog nooit op het CDA gestemd hebben en dat misschien ook wel nooit gaan doen. Ook leden van een andere politieke partijen dan het lokale CDA Altena schuiven wel eens aan. Dat vind ik juist super. We stellen hier namelijk juist geen enkele voorwaarde aan. Samenwerken moet één van de krachten zijn van Altena. De tafelgesprekken vinden plaats in een ongedwongen huiselijke sfeer, zijn resultaatgericht en staan los van politiek gekissebis. Dat gebeurt helaas al veel te veel in de raadszaal.

Ik ben er inmiddels achter dat spreken met inwoners veruit het leukste en nuttigste onderdeel is van het raadswerk. Daarom gaan we hier de komende jaren ook zeker mee door.

Het schrijven van columns en hier mijn persoonlijke mening en belevenissen als raadslid in ventileren is door de reacties die je hierop krijgt ook een waardevol instrument. Dat ga ik weer actief oppakken. Daarbij zijn de onderwerpen die tijdens de Aan Tafel Met gesprekken regelmatig aan de orde zijn gekomen een mooie inspiratiebron.

Tot de column van komende week!

Ook nieuwsgierig geworden naar zo’n gesprek of speelt er een andere vraag. Laat het me gerust weten via arnobouman365@gmail.com of ga naar de website van CDA Altena.